Stichting Flora en Fauna Bescherming Weesp
Laatste nieuws
*************************
zie hieronder op laatste nieuws.
zie stadsduiven.
zie hieronder voor uitleg.
www.vpro.nl/programmas/het-leven/2016/5-hoe-te-helpen.html
klikken op de luidspreker/ rode vakje .
*************************
Schaapskudde vertrappen beschermde dieren
Ondanks de uitdrukkelijke waarschuwingen van de stichting en de door haar ingehuurde externe deskundige dat de schaapskudde op de schansen zal leiden tot het vertrappen van dieren en hun verblijfplaatsen gaat de gemeente Weesp stug door met het doden van dieren. Ook de rechtbank sluit haar ogen voor de gevolgen van het inzetten van de schaapskudde op de schansen en weigert handhavend op te treden, met alle gevolgen van dien.
De stichting heeft al enkele dode dieren aangetroffen tussen de grazende schapen waaronder rugstreeppadden en ringslangen.
De stichting is diep teleurgesteld in het feit hoe er wordt omgegaan met de strikt beschermde kwetsbare en weerloze dieren. De gemeente Weesp alsmede de rechtbank lijkt dit alles niet te deren en negeert de gevolgen die het inzetten van de schaapskudde heeft voor de diersoorten.
Namens het bestuur.
**********************
3 teleurstellende uitspraken van de Afdeling.
De Afdeling heeft op 26 oktober j.l uitspraak gedaan in 3 hoger beroepzaken en verwijst op haar website naar deze uitspraken als ‘interessant voor de pers’.
Door het publiceren van de uitspraken waarbij de Afdeling de pers hierop attendeert voelt de stichting zich genoodzaakt een reactie te geven op de genoemde uitspraken. Dit omdat, wanneer men niet beter weet, de uitspraken het beeld schetsen dat de stichting ongemotiveerd en ongefundeerd haar betogen heeft aangevoerd in de genoemde procedures. Niets is minder waar.
Fort Uitermeer: ECLI:NL:RVS:2016:2788
De afdeling heeft het hoger beroep wat de stichting had aangetekend tegen de verleende ontheffing voor de realisatie van enkele onderdelen van het inrichtingsplan afgewezen. De stichting constateert helaas dat de Afdeling heeft gekozen voor een gebrekkige beoordeling van het dossier waarbij een waslijst aan door de stichting aangedragen gronden over het hoofd gezien, dan wel anders zijn verwoord om te kunnen komen tot rechtvaardiging van de onderhavige uitspraak.
De stichting is van oordeel dat de Uitspraak strijd oplevert met de Europese wetgeving.
Zo heeft de Afdeling bepaald dat de Staatssecretaris terecht de ontheffingsgrond ‘dwingende redenen van groot openbaar belang’ aan de verleende ontheffing ten grondslag heeft gelegd. De stichting is van oordeel – gezien de geldende jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie - dat een project als in onderhavig geval ‘het realiseren van recreatieve voorzieningen’ niet kan voldoen aan het begrip ‘dwingende redenen van groot openbaar belang.
Voorts heeft de afdeling naar het oordeel van de stichting onterecht nagelaten de effecten van de gebruikersfase te beoordelen van die onderdelen alwaar de ontheffing voor is verleend, hetgeen een wettelijke verplichting is. Bij de beoordeling of er sprake is van het tijdelijk verstoren van de voortplanting- vaste rust- of verblijfplaatsen van beschermde inheemse diersoorten of het beschadigen en vernielen daarvan zoals bedoeld in artikel 11 van de Flora- en faunawet dient men de gebruikersfase te beoordelen. Dit geldt eveneens bij de beoordeling of de gunstige staat van instandhouding al dan niet in het geding is als gevolg van een project. Dit is onterecht nagelaten, aldus de stichting.
Gevolg van bijvoorbeeld de realisatie van de parkeervoorziening heeft al geleid tot verkeersslachtoffers, hetgeen waar de stichting en de door haar ingehuurde externe deskundigen alsmede de deskundige van de Staatssecretaris al uitdrukkelijk voor had gewaarschuwd.
Zo heeft de stichting helaas moeten constateren dat er op de parkeerplaats doodgereden amfibieën aanwezig waren waaronder een rugstreeppad (zie foto)
Voorts stelt de Afdeling in haar besluit dat er geen grootschalige kapwerkzaamheden zullen plaatsvinden omdat de voorzitter dit ter zitting aangaf. Wanneer men het activiteitenplan van stichting Uiteraard Uitermeer beschouwt, alwaar de thans verleende ontheffing op ziet, blijkt, zoals door de stichting is betoogd, dat er wel degelijk op zeer grote schaal bomen op het gehele fort terrein zullen worden gekapt.
Het betreurt de stichting dat de Afdeling dit alles miskent.
Toppunt van onzorgvuldigheid is dan nog het feit dat de Afdeling meegaat in het betoog van de Staatssecretaris die stelt dat de aanleg van een nieuwe sloot in het naast het fort terrein gelegen weiland wat het verloren gegane leefgebied van de, in Noord – Holland zéér zeldzame, grote modderkruiper als gevolg van de realisatie van de slopenhaven moet compenseren. Uit de eDNA monsters die de stichting heeft laten nemen in de wateren rond het fort terrein blijkt overduidelijk dat er helemaal geen DNA sporen van de grote modderkruiper zijn aangetoond in die monsters die zijn genomen ion de watergangen rond het weiland. Daarbij komt dat door zowel de stichting als wel de door haar ingeschakelde deskundige al is beoordeeld dat de watergangen die het weiland omsluiten niet geschikt zijn voor de grote modderkruiper. Saignant detail is dan nog dat de slotgrachten rond het fort zelf, alwaar wel DNA sporen zijn aangetoond van de grote modderkruiper, helemaal niet in verbinding staan met de watergangen rond het weiland alwaar men de nieuwe sloot wenst te realiseren. De afdeling is klaarblijkelijk van oordeel dat een vissoort zich uit zichzelf over het land zal verplaatsen naar de nieuw gegraven sloot, de stichting acht deze wijze van beoordeling getuigen van grote onzorgvuldigheid waarvan de kwetsbare diersoorten letterlijk de dupe zijn.
Voorts wordt in de uitspraak aangegeven dat de inham alwaar de sloepenhaven is gerealiseerd voor de realisatie al dienst deed als aanmeerplaats voor boten, dit is volstrekt onjuist zo blijkt overduidelijk uit de stukken van initiatiefnemer zelf hetgeen de Afdeling had moeten kunnen opmaken uit het dossier. Daarbij komt nog dat wordt gesteld dat het uitbaggeren van de betreffende inham geen negatieve gevolgen heeft gehad voor de grote modderkruiper en het varen met boten aldaar dat ook niet zal hebben voor de grote modderkruiper. Dit terwijl één blik in bijvoorbeeld de soortenstandaard van deze soort leert dat het uitbaggeren van wateren die sterk zijn verland en alwaar een dikke slip laag op de waterbodem aanwezig is juist zeer negatief is van de grote modderkruiper. Dat de realisatie van de sloepenhaven dan tot tijdelijke vertroebeling leidt hetgeen een overtreding van de Flora en faunawet betreft, aldus de Staatsecretaris en de Afdeling, maar dat het stelselmatig betreden van dat zelfde water met boten niet zal leiden tot vertroebeling is voor de stichting volstrekt onbegrijpelijk.
Onder meer om de hierboven vernoemde redenen is de stichting van oordeel dat het besluit van de Afdeling onzorgvuldig is geweest.
Ondanks deze teleurstellende uitspraak ziet de stichting wel aanknopingspunten voor verdere procedures op te starten. Zo zal onder meer de uitspraak van de Afdeling bij het Europese Hof van justitie worden aangevochten.
Fort Uitermeer: ECLI:NL:RVS:2016:2787
Ook in deze zaak is te constateren dat de Afdeling naar het oordeel van de stichting de zaak onzorgvuldig heeft beoordeeld, zo blijkt wanneer men de aan deze zaak ten grondslag liggende stukken en betogen zoals die door de stichting zijn ingebracht beschouwd. Om het onderhavige besluit te rechtvaardigen kon men klaarblijkelijk niet anders.
Zo heeft de stichting de Afdeling onder meer verzocht een herstel sanctie op te leggen omdat de al uitgevoerde werkzaamheden (kap en sloopwerkzaamheden) hebben geleid tot het vernietigen van de verblijfplaatsen van onder meer diverse soorten vleermuizen.
Duidelijk is door de stichting bijvoorbeeld aangetoond, middels de stukken van stichting Uiteraard Uitermeer zelf, dat een kolonie van 115 watervleermuizen het heeft fort terrein heeft verlaten als gevolg van de al uitgevoerde werkzaamheden waaronder grootschalige bomenkap en als gevolg van uitgevoerde overige werkzaamheden waaronder die aan het torenfort alsmede het aanbrengen van allerlei lichtbronnen op het fort terrein. Dit wordt door de Afdeling helaas over het hoofd gezien.
Door de sloop van enkele plofhuisjes en de kap van een groot deel van het bos zijn essentiële foerageergebieden van diverse soorten vleermuizen verloren gegaan en zijn tevens paarverblijfplaatsen, zomerverblijfplaatsen, et cetera van diverse soorten vleermuizen verloren gegaan door de sloop van de huisjes, ook dit blijkt uit de rapporten van de stichting Uiteraard Uitermeer zelf.
De rapporten van de soortgespecialiseerde deskundigen waarin expliciet wordt aangegeven dat als gevolg van het uitbaggeren van de inham, alwaar de sloepenhaven reeds is gerealiseerd, het potentiële leefgebied van onder meer de in Noord- Holland zéér zeldzame grote modderkruiper ernstig is aangetast worden door de afdeling genegeerd, Et cetera, et cetera….
Ook deze uitspraak zal de stichting pogen aan te vechten bij het Europese Hof van Justitie.
De stichting is teleurgesteld te moeten constateren dat de Afdeling (het hoogste bestuursorgaan in Nederland) op een uiterst onzorgvuldige wijze haar besluiten tot stand heeft laten komen. De stichting had gehoopt dat juist de Afdeling zich verre zou houden van de eerdere gevolgde onzorgvuldige handelswijze van de rechtbank in deze procedures maar moet helaas constateren dat de Afdeling in deze procedures de draad heeft opgepakt waar de eerdere rechters die hebben laten liggen.
Zaak schansen Weesp: ECLI:NL:RVS:2016: 2836
De Afdeling heeft het hoger beroep wat de stichting had ingesteld tegen een eerdere uitspraak van de beroepsrechter afgewezen, de zaak ziet op het nieuwe maaibeleid van de gemeente Weesp. Ook in deze procedure constateert de stichting dat van een zorgvuldige beoordeling geen sprake is geweest. De Afdeling ziet de harde bewijzen die de stichting heeft ingevoerd over het hoofd en/of verdraaid de zaken op een dusdanige wijze om haar besluit te kunnen rechtvaardigen. Goed voorbeeld hiervan is dat de Afdeling mee gaat in de volstrekt onjuiste aanduiding van de gemeente Weesp van de vegetatie typen op de schansen. De tientallen foto’s zoals die zijn ingebracht door de stichting waarop duidelijk te zien is dat een kruid-laag op de schansen aanwezig is op die locaties alwaar Regelink ecologie en Landschap in opdracht van de gemeente stelt dat het gazon zou zijn worden ook door de Afdeling als gazon betiteld (zie foto in bijlage), het kan niet anders dan dat de Afdeling zich heeft vergist. Wanneer er sprake is van gazon kan men er een andere werkwijze op nahouden dan wanneer het een kruid-laag betreft, dit is bepaald in de gedragscode Amstelveen waaraan de gemeente Weesp zich heeft geconformeerd. Onder meer om deze redenen is de stichting van oordeel dat de gemeente in strijd handelt met hetgeen bepaald in de genoemde gedragscode.
Ook de gegevens uit de Nationale data-base Flora en Fauna die men verplicht is mee te nemen in de beoordeling worden geheel genegeerd, ook dit lijkt te berusten op een gerechtelijke dwaling.
Opvallend is dan dat de Afdeling wél aangeeft dat de ecologische onderzoeksgegevens van alle partijen, dus niet alleen die van de gemeente Weesp, zijn meegenomen in de beoordeling van de Staatssecretaris van de door de gemeente Weesp opgestelde maainotitie, maar dat, wanneer men de maainotitie en de overlegde stukken van de gemeente beschouwt in één oogopslag ziet dat dit overduidelijk niet het geval is geweest. De gemeente Weesp negeert overduidelijk feitelijk alle ecologische onderzoeksgegevens van derde en baseert zich gemakshalve slechts op eigen onderzoek. Het gevolg hiervan is dat bijvoorbeeld vele hibernacula (winter verblijfplaatsen) waarvan de aanwezigheid is vastgesteld door middel van een zeer uitgebreid onderzoek van de stichting naar de ringslang en rugstreeppad niet worden ontzien bij de maaiwerkzaamheden, hetgeen een overduidelijke overtreding van de flora en faunawet is.
Verder stelt Afdeling dat de kruid laag op de schansen van geen belang is voor de vleermuizen, dit is volslagen onbegrijpelijk. Wanneer men de soortenstandaard van onder meer de gewone dwergvleermuis beschouwt blijkt hieruit onomstotelijk het tegendeel. Ook de rapportages van de door de stichting ingehuurde externe deskundigen (gespecialiseerd in vleermuizen) bevestigen hetgeen de soortenstandaarden en de gedragscode Amstelveen benoemen alsmede het betoog van de stichting omtrent de negatieve gevolgen van het verwijderen van de kruid-laag in de actieve periode van de vleermuizen.
Het insectenaanbod voor onder meer de gewone dwergvleermuis, waarvoor het plangebied nota bene de functie heeft als essentieel jachtgebied voor de gewone dwergvleermuis, gekoppeld aan twee kraamkolonies, zal als gevolg van het verwijderen van de insectenrijke kruid-laag significant afnemen met alle gevolgen van dien op het reproductie succes en daarmee de lokale gunstige staat van instandhouding van de gewone dwergvleermuis. Daarbij komt dan ook nog dat de Afdeling stelt dat de gewone dwergvleermuis voornamelijk boven het water jaagt, hetgeen voor de water en bijvoorbeeld meervleermuis geldt en dus niet voor de gewone dwergvleermuis.
Verder is uit de onderzoeken die in opdracht van de stichting zijn uitgevoerd gebleken dat er een kolonie watervleermuizen alsmede een kolonie van de rosse vleermuis aanwezig is op de schansen. Ook zijn er diverse paarterritoria van de gewone en ruige dwergvleermuis aangetroffen, dit is, zo blijkt wanneer men de uitspraak bestudeerd, niet meegenomen in de totstandkoming van het besluit van de Afdeling.
De stichting is van oordeel dat een leek (lees rechter) de ecologische beoordeling in dit soort zaken dient voor te leggen aan een onafhankelijke deskundige in plaats van zelf zaken te beoordelen waarvan men geen verstand heeft, een jurist is géén ecoloog !
De deskundige verklaringen van de door de stichting betrokken externe deskundige zoals die zijn ingevoerd zijn door de Afdeling helaas over het hoofd gezien of niet op waarde geschat, de stichting betreurt dit alles ten zeerste.
Gelukkig is bij een eerdere uitspraak van de beroepsrechter al bepaald dat de gemeente voor de herontwikkeling (toekomstvisie) van de schansen ontheffingen dienen te worden aangevraagd die zien op het vernietigen van de leefgebieden van strikt beschermde diersoorten.
Ook in onderhavige uitspraak van de Afdeling zal de stichting overwegen de zaak voor te leggen aan het Europese Hof van justitie.
Stichting Flora & Fauna bescherming
Het bestuur
‘dit is volgens de Raad v State gazon’
-----------------------------------------
*********************
Geachte redactie leden van
Holland Media Combinatie Redactie Gooi en Eemlander en
Redactie Vechtjournaal
Onlangs heeft u een kort artikel geplaats omtrent het verzoek om handhaving van de stichting m.b.t het verwijderen van de rietkraag door de Kroegbaas Pieter Kors van café het Helletje aan de stationsweg. Genoemde heeft de rietkraag verwijderd om óók op die locatie evenals aan de buitenzijde van de steiger boten te kunnen aanmeren. Het aantasten van de rietkraag is volgens de stichting in strijd zijn met de onder meer de verbodsbepalingen in de keur van het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht.
De stichting heeft het bericht ontvangen van Waternet dat het verzoek om handhaving terecht is geweest. De café eigenaar wordt door Waternet verplicht de boten aan de binnenzijde te verwijderen en verwijderd te houden zodat de rietkraag weer volledig kan herstellen.
De stichting is verheugd dat Waternet handhavend optreedt om zodoende de ecologische waarde die een rietkraag bezit te doen laten herstellen, immers rietzomen vervullen voor tal van diersoorten waaronder de ringslang, broedvogels en vissen een zeer belangrijke functie.
* * * * * * * * * * *
PERSBERICHT aan Gooi- en Eemlander .
Geachte mijnheer/mevrouw,
Graag uw aandacht voor het onderstaande.
Met verbazing heeft de Stichting Flora & Fauna bescherming (verder: de Stichting) kennis genomen van de publicatie in uw zaterdag editie van 10 september j.l. omtrent de opening van de sloepenhaven en de parkeerplaats bij het fort Uitermeer te Weesp. Er wordt gesuggereerd dat de rechtszaken onder meer bij de Raad v State (RvS) achter de rug zijn en succesvol zijn geweest voor de Stichting Uiteraard Uitermeer. Als eerste geeft de Stichting u te kennen dat er nog geen besluit is genomen door de RvS m.b.t de hoger beroepzaak die op 15 juli j.l heeft gediend. Sterker nog de beslistermijn is door de RvS met 6 weken verlengd. Dat de suggestie wordt gewekt dat de rechtszaken in positieve zin zijn afgesloten is dus volledig uit de lucht gegrepen door de Stichting Uiteraard Uitermeer.
Dat de Stichting Uiteraard Uitermeer ervoor kiest om de sloepenhaven en de parkeervoorziening door de burgemeester en wethouders van Weesp in het bijzijn van een afgevaardigde van de gedeputeerde staten van de provincie N-H met veel bombarie te doen laten openen is een knap staaltje van voor de muziek uitlopen.
Daarbij komt dat de RvS in de procedures in het kader van een voorlopige voorziening alléén toe heeft gestaan dat er een steiger mocht worden aangelegd en het manschappenverblijfplaats wind en waterdicht te maken en de parkeervoorziening mocht worden gerealiseerd, meer niet. Dit betekent dat de realisatie van de gehele sloepenhaven illegaal heeft plaatsgevonden alsmede de inrichting als kantoor voor Boskalis van het manschappenverblijf.
Daarbij komt dat de RvS ter zitting nadrukkelijk heeft aangegeven dat het gebruik van de voorzieningen vooralsnog niet is toegestaan en dat in de hoofdzaak wordt geoordeeld of de ten tijde van de voorlopige voorziening al uitgevoerde werkzaamheden wel rechtmatig zijn geweest. Is dit niet het geval dan dienen de inmiddels al gerealiseerde voorzieningen te worden hersteld naar de oude situatie.
De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, het bevoegd gezag omtrent de Flora en faunawet sluit daarbij de ogen en weigert handhavend op te treden tegen de illegaal gerealiseerde voorzieningen. Als laatste geeft de Stichting u te kennen dat er momenteel nog een beroepzaak ligt bij de rechtbank Midden Nederland omtrent de ontwikkelingen op het fort en dat er inmiddels al aangifte is gedaan bij de politie omtrent het vernietigen van de verblijfplaats van de Watervleermuis, ook deze zaak komt deze maand nog voor de rechter.
En er wordt inmiddels ook illegaal gewoond op het fort Uitemeer.
Dat de Stichting Uiteraard Uitermeer doet voorkomen dat zij het goed op heeft met de flora en fauna is naar het oordeel van de Stichting een farce, immers waarom vraagt men dan ontheffingen aan om het leefgebied van strikt beschermde soorten in grote mate te vernietigen. Sinds de komst van de Stichting Uiteraard Uitermeer op het fort holt de situatie voor de natuur hard achteruit. Verblijfplaatsen van vogels, ringslang, rugstreeppad, de heikikker, diverse soorten vleermuizen, beschermde flora etc. zijn al vernietigd dan wel in ernstige mate aangetast.
Alsof dit nog niet voldoende is, wenst men ook nog eens 3000m2 aan bebouwing op het fort terrein te realiseren en grootschalige bomenkap te doen laten uitvoeren met in samenwerking met natuurmonumenten schandalig toch. De Stichting wacht de uitspraak van de RvS af en zal zich zo nodig beroepen op verdere juridische stappen om de vernietiging van de natuur op en rond het fort te doen voorkomen.
Namens het bestuur.
* * * * * * * * * * * * * * * * *
Persbericht
Kaalslag Schansen verboden !
Ondanks waarschuwingen van de stichting was de Groen – links wethouder Tuning – belast met de portefeuille beheer en onderhoud stadsgroen - voornemens het prille herstel van de vegetatie op het Bastion de Nieuwe Achtkant de kop in te drukken (zie pagina Nieuwe achtkant). Om dit te voorkomen heeft de Stichting de zaak aanhangig gemaakt bij het bevoegd gezag.
De Stichting had al aangetoond dat dit Bastion – evenals de twee overige Bastions – een essentieel onderdeel uitmaakt van het leefgebied van o.a de strikt beschermde Ringslang. Door het verwijderen van de vegetatie zou dit leefgebied worden vernietigd. Het is namelijk van groot belang dat er voldoende riet en ruigtes aanwezig zijn voor deze soort en zijn voornaamste prooi – amfibieën – om te kunnen schuilen.
Verder vormen de Schansen een essentiële schakel in de ecologische migratieroute die de Vecht voor o.a deze soort vervult. Het aantasten van een belangrijke schakel hierin heeft verstrekkende gevolgen voor de metapopulatie Ringslangen die in en rond Weesp haar leefgebied vindt, zo was eveneens het bevoegd gezag van oordeel.
Het bevoegd gezag (RVO) heeft de Stichting in het gelijk gesteld en de geplande werkzaamheden verboden. De gemeente dient een apart maaibeleid te voeren wat is toegespitst op de instandhouding van o.a het leefgebied van de strikt beschermde Ringslang, Vleermuizen enz. Dat wil zeggen dat men niet de gehele Bastions kaal mag houden maar dient te zorgen dat er voldoende ruigtes aanwezig blijven.
Ook dient de gemeente er zorg voor te dragen dat de functie als overwinteringsplek voor de Ringslang op het Bastion de Nieuwe Achtkant in stand blijft dan wel wordt versterkt. De werkzaamheden zoals destijds zijn uitgevoerd in het kader van de reconstructie van dit Bastion waren een overtreding van de Flora en faunawet.
Noch immer heeft de gemeente de flora en fauna zaken niet op orde !
Verder is gebleken dat de gemeente noch immer niet wil erkennen welke essentiële functies de Schansen vervullen voor de dieren, dit ondanks de vele rapporten die door de Stichting zijn opgesteld door soortgespecialiseerde ecologen en zijn aangereikt aan de gemeente. Ook de rapportages die in opdracht van de gemeente zelf al waren opgesteld worden wederom naar de prullenbak verwezen en men kiest ervoor om weer onderzoeken te laten uitvoeren waaruit –zo komt het de Stichting voor- zou moeten blijken dat er geen of hooguit enkele beschermde soorten voorkomen op de Schansen. Duizenden euro’s worden weer uit de gemeentelijke kas gehaald terwijl verdere onderzoeken in het geheel niet noodzakelijk zijn als men simpelweg de voorhanden zijnde rapporten zou erkennen waarin de soorten en de functie die de Schansen daarvoor vervullen al expliciet worden beschreven.
Kort – gezegd – het wederom opstarten van onderzoeken is wat de Stichting betreft een zinloze exercitie en een verkwisting van gemeenschapsgeld !
Waar het aan de stichting was om dit te doen laten voorkomen.
Door deze houding kan de gemeente niet werken met de gedragscode Flora en fauna waar zij zich al 2 jaar geleden aan heeft geconformeerd. Men voldoet simpelweg niet aan de voorschriften die worden gesteld om middels de gedragscode te mogen werken en waarbij vrijstelling wordt verleend. Nog immer kan er dus geen noodzakelijk onderhoud worden uitgevoerd op de Schansen. De Stichting hekelt de gang van zaken en begint zich af te vragen of het ooit goed zal komen als men bij de gemeente wenst keer op keer geen gehoor en gevolg te geven aan de goedbedoelde adviezen van de Stichting.
Last onder dwangsom blijft van kracht !
Als gevolg van deze houding van de gemeente Weesp blijft de door de Staatssecretaris eerder opgelegde last onder dwangsom van kracht. Deze bestuursdwang werd opgelegd omdat de gemeente stelselmatig de Flora en faunawet overtreedt of dreigt te gaan overtreden, zo ook in onderhavig geval waar het aan de Stichting was om dit te doen laten voorkomen.
De Stichting is teleurgesteld dat wethouder Dhr. Tuning – nota bene een Groen – links wethouder - voornemens was leefgebied van de dieren te doen laten vernietigen.
Gelukkig – voor de dieren – heeft het bevoegd gezag ingegrepen om dit te voorkomen, een goede zaak.
Het Bestuur.
Copyright © Stichting Flora en Fauna Bescherming Weesp